Dagboek van het jaar 1898: in het hart van de Affaire Dreyfus

Dagboek van Raniero Paulucci di Calboli

Dagboek van Raniero Paulucci di Calboli

In een kleine boekhandel bij Saint-Germain-des Prés viel mijn oog op het dagboek van het jaar 1898 van Raniero Paulucci di Calboli. Ik had nog nooit van de man gehoord. Het was dan ook niet de auteur van het dagboek, maar wel de titel ervan die mijn aandacht trok: In het hart van de Affaire Dreyfus

Voortdurend wordt in Frankrijk naar de Affaire Dreyfus verwezen. Meestal in combinatie met de uitdrukking J’Accuse! Het is één van die gebeurtenissen die in elk Frans geheugen gegrift staat, net een trapje lager dan de Franse Revolutie. Maar zoals zo vaak het geval is bij belangrijke historische feiten, kennen we de naam en zijn we vergeten waar het om ging. Wie was Dreyfus, waarom was er zoveel om te doen? Wat was de kern van deze zaak? Met dit boek zag ik een kans om mijn geheugen op te frissen. En ik moet zeggen dat het boek me niet ontgoocheld heeft. De auteur, Raniero Paulucci, kwam als jonge dertiger naar Parijs om er het ambt van secretaris uit te oefenen aan de Italiaanse ambassade. Zoals de meeste Italianen heeft hij een hekel aan de Fransen, maar ondanks dat vindt hij het leven in Parijs wel boeiend. Bijna elke avond is gevuld: ofwel dineren, of naar het theater, of gasten ontvangen,…  En menig keer ontmoet hij op deze avondlijke uitjes aangenaam vrouwelijk gezelschap. Maar er is meer te lezen. Uit de vele korte aantekeningen is af te leiden dat de Affaire Dreyfus voortdurend de geesten verhit, hét gespreksonderwerp van de dag vormt. Raniero Paulucci is een fervente verdediger van Dreyfus en dus een even hevig tegenstander van Félix Faure, president van Frankrijk. Maar voor hierop door te gaan, eerst de affaire Dreyfus in een notendop.

In 1895 wordt Kapitein Alfred Dreyfus, een Joodse man uit de Alsace, door de Krijgsraad veroordeeld voor het verkopen van staatsgeheimen aan de Duitsers. Hij krijgt de zwaarste straf die op spionnage staat: levenslange verbanning naar het Duivelseiland in Frans-Guyana.
Twee jaar later komt Kolonel Picquart, hoofd van de Franse Geheime Dienst, er achter dat niet Dreyfus de staatsgeheimen verkocht heeft, maar Majoor Esterházy.
De regering en het leger willen echter niet weten van een herziening van het proces omdat ze dan openlijk een grove juridische dwaling zouden moeten toegeven.
Kolonel Picquart krijgt te horen dat hij zijn mond moet houden en hij wordt gedegradeerd. Begin 1898 lekt de ontdekking van Picquart toch uit en de regering ziet geen andere mogelijkheid dan Majoor Esterházy voor het gerecht te brengen. Het wordt een georkestreerd proces achter gesloten deuren en Esterházy wordt vrijgesproken.
Schrijver Emile Zola, die heel zijn leven gestreden heeft tegen onrechtvaardigheid, schrijft een scherpe open brief aan de President van Frankrijk, Félix Faure, en laat deze publiceren in de krant l’Aurore. Het artikel begint met de historische woorden: J’Accuse! en slaat in als een bom. Iedereen in Frankrijk begint zich met de zaak te mengen, voor of tegen. Vaak gaat het allang niet meer over de zaak Dreyfus alleen. De een gebruikt Dreyfus om het socialisme te prediken, een ander om lucht te geven aan zijn antisemitische gevoelens.
Zola wordt voor het gerecht gedaagd wegens laster en moet naar Engeland uitwijken om opsluiting in de gevangenis te voorkomen. Picquart wordt gevangen gezet omwille van het schenden van beroepsgeheim. Heel het jaar 1898 en zelfs de eerste dagen erna houdt de zaak Dreyfus Frankrijk in haar greep. Het land dreigt in een complete politieke chaos te belanden en een burgeroorlog is niet veraf.
Totdat begin februari 1899 President Félix Faure plots overlijdt, in de armen van zijn maîtresse. Opgezet spel of niet? Het is nooit achterhaald. Félix Faure wordt opgevolgd door de socialist Emile Loubet, een man met een veel gematigdere houding en de weg naar een herziening van het proces Dreyfus ligt open. Eind 1899, met het oog op de organisatie van de wereldtentoonstelling in 1900 en het oppoetsen van Frankrijks imago in de wereld, wordt gratie verleend aan Dreyfus en wordt hij vrijgelaten. Maar het is pas in 1906 dat hij en Picquart definitief van elke vorm van betrokkenheid vrijgesproken worden. 

Het is tegen de achtergrond van deze gebeurtenissen dat Raniero Paulucci zijn dagboek bijhoudt en hij kiest resoluut voor de kant van Emile Zola en Dreyfus. De afkeer van Raniero Paulucci voor de president van Frankrijk is zo groot dat hij op 10 december schrijft: “Gelukkig ga ik naar Nice met de kerstdagen en vermijd ik zo om me in vol ornaat te presenteren aan deze belachelijke man Félix Faure om hem een goed jaar 1899 te wensen.”

Om u een idee te geven van de wereld en zienswijze van deze Italiaanse attaché geef ik hier weer wat hij in zijn dagboek noteerde op woensdag 14 december 1898 (precies 113 jaren geleden):

Brieven gestuurd aan oom Frank, …

Ik heb bezoek gekregen van baron Rey Roize die me eindeloos over spiritisme heeft gepraat! (1)

Men heeft mij tweehonderd exemplaren gebracht van mijn boek over mijn arme proletariërs. Maar aan wie zou ik ze in hemelsnaam kunnen geven? Ik vrees dat ze zullen eindigen als inpakpapier bij mijn slager! (2)

De arme Picquart is nog steeds in de gevangenis: men stuurt hem op een hartverscheurende manier van Pontius naar Pilates. Eerlijk gezegd, met dergelijke leiders, begin ik te vrezen voor anarchie en geweld!

De markiezin d’Anglesey heeft nogmaals aangedrongen opdat ik bij haar zou komen lunchen zaterdag, in Versailles. Ik heb geantwoord met een nieuwe weigering. En een nieuwe kleine leugen.

Naar bed om half elf met een zware verkoudheid.”

_______________________________
(1) Spiritisme was erg in de mode in het einde van de 19e eeuw
(2) Raniero Paulucci had zich het lot aangetrokken van de arme Italianen die in Parijs in mensonterende toestanden werkten, en klaagde vooral de kinderarbeid aan. Over het thema had hij een boek geschreven.

 

Het verhaal in detail…

Kroniek van een militaire dwaling

 

De zes hoofdrolspelers:

Alfred Dreyfus: Kapitein, Joods, geboren in de Alsace
Majoor Esterházy: Spion voor Duitsland
Kolonel Picquart: Hoofd van de Franse Geheime Dienst
Commandant Henry: Adjunct van Kolonel Picquart
Félix Faure: President van Frankrijk
Emile Zola: Schrijver

 

1e bedrijf – De veroordeling van Kapitein Dreyfus

december 1895

Kapitein Alfred Dreyfus, een Jood uit de Alsace, wordt door de Krijgsraad veroordeeld wegens staatsverraad: hij zou aan spionage gedaan hebben voor de Duitsers en hen militaire geheimen documenten verkocht hebben. Hij wordt gedegradeerd en levenslang verbannen naar Duivelseiland, een eiland voor de kust van Frans-Guyana. De publieke opinie is ervan overtuigd dat Alfred Dreyfus terecht gestraft is als landsverrader. Alleen zijn vrouw Lucie en zijn oudste broer Matthieu geloven in zijn onschuld en zij zullen vanaf dat moment al hun tijd en geld inzetten om dit te bewijzen.

 

2e bedrijf – De vreselijke ontdekking van Kolonel Picquart

1896


Het hoofd van de Franse Geheime Dienst, Kolonel Picquart, ontdekt dat het belangrijkste bewijsstuk in de zaak tegen Dreyfus geen steek houdt. Het gaat om een met de hand geschreven tekst. Picquart komt erachter dat het handschrift van de tekst niet afkomstig is van Dreyfus, maar wel overeenkomt met dat van een zekere Majoor Esterházy, een heethoofd die ook voor de Geheime Dienst gewerkt heeft, antifranse uitspraken doet en bovendien vol schulden zit. Picquart brengt zijn oversten op de hoogte, maar krijgt te horen dat hij moet zwijgen. Beter een fout proces dan een zware gerechtelijke dwaling te moeten toegeven, is de redenering. Picquart wordt van zijn functie afgehaald. Zijn adjunct Commandant Henry, deloyaal, fabriceert op eigen houtje vals bewijsmateriaal om de zaak kracht bij te zetten, mocht het proces heropend worden.

 

3ee bedrijf – Het proces Esterházy

10 januari 1898

Ondanks het verbod om te praten doet het gerucht over Majoor Esterházy de ronde en zorgt hier en daar voor een verandering in de publieke opinie. In de Senaat wordt in 1897 een poging gedaan om de zaak Dreyfus opnieuw te openen, maar President Félix Faure verzet zich hiertegen. De zaak wordt “geklasseerd” verklaard.

Maar nog houdt de geruchtenstroom niet op. Om definitief een einde te maken aan de beschuldigingen aan het adres van Majoor Esterházy, besluit President Faure om hem te laten berechten. Het wordt een georkestreerd proces. De Krijgsraad voert het proces achter gesloten deuren en de Majoor wordt vrijgesproken.

 

Be bedrijf – J’Accuse van Emile Zola

13 januari 1898

Een bijzonder verontwaardigde Emile Zola, Frankrijks meest geliefde schrijver en al enige tijd een actief Dreyfusard, schrijft een open brief aan President Félix Faure en publiceert die in de krant Aurore. Het is het beroemde stuk met de aanhef “J’Accuse”. Het artikel slaat in als een bom.

 

5de bedrijf – De chaos is compleet

1898

 

De Minister van Oorlog beschuldigt Zola en de krant van laster. Zola moet verschijnen voor het Assisengerecht en wordt veroordeeld tot één jaar gevangenisstraf en 3.000 F boete, de maximumstraf. Enkele weken later annuleert het Hof van Cassatie de uitspraak van de rechtbank. De zaak wordt naar een andere rechtbank doorverwezen, maar Zola wacht de uitspraak niet af en wijkt met zijn vrouw uit naar Engeland (een jaar later, als het gevaar geweken is, komt hij terug en wordt als een grote held ingehaald).

Picquart wordt veroordeeld tot 11 maanden gevangenisstraf wegens het schenden van beroepsgeheim.

Henry wordt verhoord en geeft toe dat hij eigengemaakt bewijsmateriaal heeft toegevoegd aan het dossier van Dreyfus. Hij wordt gevangen genomen en pleegt de dag erna zelfmoord in zijn cel.

Heel Frankrijk wordt nu opgeslorpt door de Affaire Dreyfus. Iedereen, elke burger, neemt een standpunt in: voor of tegen. Het land dreigt in een complete politieke chaos te belanden en een burgeroorlog is niet veraf.

5de bedrijf –  De plotse dood van President Faure
Februari 1899

 

President Faure, die zich keer op keer onverzettelijk gedragen had in de zaak Dreyfus, overlijdt in vreemde omstandigheden in februari 1899, in de armen van zijn maîtresse Margherite Steinheil. Later zal men zich afvragen of zij hem vergiftigd heeft. Félix Faure wordt opgevolgd door de socialist Emile Loubet, een man met een veel gematigdere houding en de weg naar een herziening van het proces ligt nu open.

 

6e bedrijf – De rehabilitatie van Dreyfus

1899-1906

– Op 3 juni 1899 verbreekt het hof van Cassatie het proces Dreyfus.
– Op 9 september 1899 wordt het proces opnieuw gevoerd, ditmaal in Rennes. De Krijgsraad wil echter nog steeds niet toegeven dat ze fout is geweest en blijft bij haar oude zienswijze, zij het iets genuanceerder.
– 21 september 1899: met het oog op de organisatie van de Wereldtentoonstelling 1900 moet Frankrijk werken aan haar internationaal imago. Dreyfus krijgt gratie (wat nog niet betekent dat hij vrijgesproken is). Hij accepteert en wordt in vrijheid gesteld.
– Pas jaren later, in 1906, zal men de hele zaak opnieuw uitspitten. De uitspraak van de rechtbank van Rennes wordt geannuleerd. Er komt geen nieuw proces meer, want – zo luidt de conclusie – er is helemaal geen enkel bewijs op basis waarvan een rechtszaak kan begonnen worden! Dreyfus is in zijn eer hersteld.

 

La fin

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: